ACTUEEL
10 oktober 2011
Column Egbert
Jaap Mooiweer
Uit: Ledenblad Landschappelijk Najaar 2011
Voordeel van de twijfel
Uitgaan van de beste bedoelingen van mensen is mijn grondhouding.
Het lijkt mij nu eenmaal erg vermoeiend om dat niet te doen. Het
levert weinig anders op dan wantrouwen, terwijl vertrouwen een veel
sterkere basis vormt. Toen in 2008 vier landelijke pilots voor het
Deltaplan voor het Landschap bekend werden gemaakt, hadden we groot
vertrouwen in de goede bedoelingen van de vier gebieden met ons
Deltaplan. Met name Brabant voelde als een warm bad. Al was het
maar omdat het als enige gebied de benaming Deltaplan overnam: Deltaplan
voor het Landschap Moerenburg Heukelom. Met logo en nieuwsbrief!
De benodigde cofinanciering was snel rond en er stonden
goede trekkers aan het roer. De geesten waren er rijp voor, zo werd
ons gezegd. Bij het publicatiemoment van het eerste contract in
het eerste jaar waren wij ook opgetogen. Er was een start, we waren
‘los’. Dat de lantomstandigheden niet optimaal waren
en het voor de bühne om maar één boom ging, kon
de feestvreugde niet drukken. Alle verantwoordelijke bestuurders
waren bij het feestje, zo lazen we. Het begin werd gemarkeerd. Maar
van wat? Gekscherend en enigszins bezorgd vroeg ik later aan een
van de trekkers dat de boom nu weliswaar stond, maar dat het beoogde
netwerk toch nog wel kwam? Een joviaal ‘maak je geen zorgen,
maar natuurlijk’ volgde. Later, tijdens een andere bijeenkomst,
merkte ik nog eens op dat het Brabantse pilot- gebied pr-matig bijzonder
goed functioneert en jaloersmakende concepten ontwikkelt als ‘Boer
zoekt buur’, de ‘Streekrekening’ en altijd bereid
is te delen. En dat hier nieuwe sporen gebaand worden: inventieve
stad-land-relaties, biomassaprojecten en vermarkting van streekproducten
en cultuurhistorie.
Maar ook dat het gebied zich, in de smeltkroes van ideeën,
mogelijke combinaties en gedeelde verantwoordelijkheden, ook wel
eens in zijn eigen staart kan bijten. Het netwerk rondom de boom
kwam het eerste jaar niet, het tweede ook niet en in het derde jaar
begonnen we ons zorgen te maken. Helemaal toen ik een betrokken
ambtenaar van Tilburg triomfantelijk hoorde meedelen in een bijeenkomst
dat het Deltaplan af was. Maar waar dan toch? Ik zag het nog niet.
Een gebied van ongeveer 500 hectare waarvan nog maar
5 procent omgevormd was in aaneengesloten streekeigen landschapselementen
op boerenland, geflankeerd door recreatieve routes vanuit de stad.
Oftewel: zo’n 50 kilometer aan knotwilgenrijen, bloemrijke
akkerranden, houtsingels, plasdras- sloten en 10 kilometer boerenlandpaden,
fietspaden en paardenroutes. Wel prachtige folders, nieuwsbrieven
en een stadspark op papier, maar weinig concreets in de praktijk
- dat kon de bedoeling van ons Deltaplan toch niet zijn? Ik viel
helemaal van mijn stoel toen ik de eerste bedrijfslandschapsplannen
en contracten zag. Behalve het onderhoud van tien nieuwe knotwilgen
zijn er geen 30-jarige beheersafspraken, geen netwerk en recreatieve
toegankelijkheid en slechts een schamele paar honderd meter bloemrijke
akkerrand, die bovendien al 12 jaar instandhouding kende.
Tijd voor een gesprek met de initiatiefnemers die mij er destijds
van probeerden te overtuigen dat Brabantse boeren anders zijn dan
andere boeren en dat het Deltaplan vooral bedoeld was om de twintig
resterende boeren vooral boer te laten zijn in een stadsrand die
niet bebouwd mag worden. Hoe dan ook: het resultaat tot nu toe is
te mager. Maar ik geef Brabant nog even het voordeel van de twijfel.
Na een valse start is er tijd voor een eindsprint. Alle ingrediënten
zijn aanwezig voor nog een succesvol voorbeeldgebied. Ondertussen
is de volgende uitnodiging van het Groene Woud binnen. Een studiemiddag
over streekfondsen. Ik denk dat ik die aan mij voorbij laat gaan.
Egbert Jaap Mooiweer,
adjunct-directeur
Redactie: Door de ingrijpende bezuinigingen van
het huidige kabinet op natuurbeleid, en de hierover in de media
steeds meer oplaaiende discussie en over het natuurbeleid in het
algemeen, is directeur Jaap Dirkmaat tijdelijk hiervoor vrijgemaakt,
om zich in dit debat te kunnen mengen en woordvoerder te zijn. Onze
adjunct-directeur Egbert Jaap Mooiweer zal enkele taken van hem
overnemen, zoals onder andere de column in de landschappelijk.
|